Bevorderingsbeleid in tijden van corona

Door Roald Janssen en Iko Doeland, onderwijsadviseurs LinQue Consult

Bevordering en afstandsonderwijs

Nu door de corona-crisis het centrale eindexamen in het VO niet doorgaat, zien scholen zich al weer voor de volgende vraag gesteld: hoe gaan we straks eigenlijk om met de bevorderingen van de leerlingen? Wat zijn de gevolgen van summatief beoordelen en hoe gaan we om met onze risicoleerlingen in deze afstandsonderwijssituatie? De huidige onderwijsomstandigheden zijn ronduit uitzonderlijk. Ondanks alle inspanningen die gemoeid zijn met afstandsonderwijs, de betrokkenheid van ouders daarbij en de organisatie van het onderwijsprogramma, staat ook de validiteit van de beoordelingssystematiek onder druk. Zomaar de gebruikelijke overgangsnormen hanteren doet onvoldoende recht aan de omstandigheden waarin de leerlingen nu leren. Tal van ondersteunende voorwaarden voor leren die op scholen als vanzelf worden aangereikt, zijn thuis minder vanzelfsprekend. Andersom bloeien leerlingen thuis mogelijk op omdat ze daar de vrijheid ervaren om hun eigen leren naar behoefte te organiseren, terwijl ze zich daar juist in de vertrouwde schoolsituatie mogelijk in belemmerd voelen. Kortom: er zullen op dit moment veel meer variaties zijn in de leeromstandigheden waardoor een valide beoordeling ingewikkeld is en risicoleerlingen eerder slachtoffer van de crisissituatie dreigen te worden dan andere leerlingen.

Wat scholen ervaren

In ons contact met scholen waar we nauw mee samenwerken, krijgen we boven geschetste situaties regelmatig voorgeschoteld. Mogelijk houden andere scholen zich ook al bezig met deze vraag. En als dat door de inspanningen rondom het organiseren van afstandsonderwijs nog niet aan de orde is geweest, zal de vraag vroeg of laat zeker aan de orde komen. Juist omdat het maar de vraag is of de scholen op 6 april weer open gaan, is het zaak hier nu al op te anticiperen. Ervaringen delen over deze kwestie helpt bij het formuleren van antwoorden in deze uitzonderlijke omstandigheden.

Wij zijn nieuwsgierig hoe scholen dit zien en ervaren en nodigen hen nadrukkelijk uit om deze ervaringen te delen. Iedere school zal op grond van opvattingen en conceptuele uitgangspunten een eigen antwoord op dit vraagstuk willen formuleren. Waar het ons hier en nu om gaat, is dat scholen elkaar inspireren door ideeën te delen en voorbeelden van oplossingen aan te dragen waar elke school uit kan putten.

Oplossingen kunnen in tal van varianten voorkomen. Wij schetsen 4 scenario’s waarbinnen gevarieerd kan worden. We presenteren twee scenario’s waarin alle leerlingen over gaan en twee scenario’s waarin niet alle leerlingen over gaan.

Scenario 1

In dit scenario gaan alle leerlingen over naar het volgende schooljaar. Deze leerlingen zitten in een homogene klas en vervolgen in het nieuwe schooljaar dezelfde opleiding als het jaar daarvoor. In dit geval is het raadzaam goed te inventariseren op welke vlakken en bij welke vakken in het nieuwe schooljaar extra ondersteuning nodig is. Zicht op de aard van de ondersteuning en begeleiding is nodig om planmatig te herstellen wat door de coronacrisis aan de aandacht is ontsnapt, juist omdat de gebruikelijke zorg- en begeleidingssystematiek nu niet optimaal kan functioneren. In dit geval gaat het niet over de determinatie naar opleidingssoort. Het gaat puur om de overgang van het ene naar het andere schooljaar. Er is in dit scenario dus geen sprake van afstromen of opstromen. Het strekt tot de aanbeveling om dit tussen ouders, leerling en mentor of coach goed te bespreken.

Scenario 2

Veel scholengemeenschappen werken met heterogene brugklassen, een heterogene brugperiode of zelfs met een heterogene onderbouw. Dan komt er een tweede scenario om de hoek kijken als je alle leerlingen wil bevorderen. Net als in scenario1 gaan de leerlingen gewoon over. Echter, ook de determinatie naar opleidingssoort schuift op en het gebruikelijke determinatiebeleid zal een aanpassing behoeven. In de overgang van de onderbouw naar midden- dan wel bovenbouw zullen ook andere acties nodig zijn om de leerlingen hierbij te begeleiden. Ook hier zullen scholen met ouders en leerlingen goed in kaart moeten brengen wat er nodig is aan ondersteuning om een bepaalde opleiding te volgen. Dit vraagt niet alleen om extra aandacht en inspanning, maar grijpt ook in op de onderwijsprogrammering. De determinatie een jaartje opschuiven klinkt als een jaartje respijt, maar waar normaal na de determinatie sprake is van homogene klassen, waar het onderwijs op is afgestemd, gaat de school nu een jaar langer met heterogene groepen werken. Juist omdat leerlingen een jaar later in de opleiding komen die bij hen past, zullen er in het onderwijsprogramma en in de ondersteuning bij een keuze naar een passende opleiding aanpassingen moeten komen. Decanen en LOB-coaches zullen zich dit realiseren. Ook in dit scenario zullen scholen in het nieuwe schooljaar andere accenten moeten leggen in de begeleidingssystematiek. Tot zover de scenario’s waarin scholen overwegen alle leerlingen over te laten gaan.

Scenario 3

Het wordt anders als scholen het niet wenselijk vinden om alle leerlingen over te laten gaan. Indien er sprake is van heterogene klassen gaat de determinatie gewoon door. In scenario 3 laat je de overgang bepalen door de resultaten uit de normale onderwijsperiode. Het voordeel is dat het weinig organisatorische problemen oplevert. In het nieuwe schooljaar draait de school weer op vertrouwde wijze zonder al te veel ingewikkelde reparaties. Je zult de leerlingen dan goed in beeld moeten hebben op basis van de tot dusver behaalde resultaten. Wanneer je het onderwijs op twee derde van het onderwijsprogramma baseert, negeer je tegelijkertijd ook een derde van het schooljaar. Dat kan onwenselijk zijn. In de laatste periode van een schooljaar zien scholen vaak dat leerlingen nog een eindsprint inzetten waardoor ze uiteindelijk toch overgaan en naar de gewenste opleiding kunnen. De huidige inspanningen die gemoeid zijn met het afstandsonderwijs blijven dan onbenut. Leerlingen en docenten zullen op de een of andere manier toch ook erkenning willen voor hun inspanningen. Toch kunnen er redenen zijn voor scholen om voor dit scenario te kiezen. Wij zijn dan nieuwsgierig naar goede argumenten voor dit scenario. Met die argumenten kunnen scholen hun eigen situatie beter bepalen.

Scenario 4

Een vierde scenario biedt een middenweg. Voor twee derde van het schooljaar 2019/2020 zijn er al toetsresultaten. Deze resultaten neemt de school mee in haar uiteindelijk besluit om de leerling al dan niet te bevorderen. Ook hier zal een determinatie naar opleidingssoort als gebruikelijk plaatsvinden bij heterogene klassen. Om de laatste periode recht te doen, kun je de leerlingen een portfolio op laten bouwen. Op basis van dit portfolio kun je met de leerlingen tegen het eind van het schooljaar een (criteriumgericht) interview afnemen. Dit interview biedt ook de gelegenheid om de hele leerling in tijden van afstandsonderwijs mee te nemen. Er zal veel diversiteit in leeromstandigheden zijn geweest. Er zullen leerlingen zijn die moeiteloos naar het volgende schooljaar kunnen. Er zullen ook leerlingen zijn die weliswaar bevorderd kunnen worden, maar die toch extra ondersteuning nodig hebben omdat het afstandsonderwijs niet dat kon bieden waarin de school normaliter wel voorziet. Leerlingen die er op grond van twee derde van de gegevens slecht voorstaan, kunnen zo toch een ‘eindsprint’ maken. En leerlingen die er slecht voorstaan, geen goed portfolio opbouwen ondanks de begeleiding op afstand en ook in het interview onvoldoende presteren, zou je kunnen laten zitten op grond van een beredeneerde beslissing. Het voordeel voor de leerling is dan wel prioriteit. Leidend in het afgewogen besluit is de kans op vervolgsucces in het nieuwe schooljaar. Het interview is dan een inventarisatie van de stand van zaken: waar staat de leerling, welke extra ondersteuning is eventueel in het nieuwe schooljaar nodig en is dat haalbaar voor de leerling? Samen met ouders en leerlingen kun je dan tot een passend plan komen.

Hieronder vatten we alles nog even samen in een schema:

Schema: 4 scenario’s bij het bevorderen in tijden van corona

In het bovenstaande hebben we vier scenario’s geschetst. We verwachten dat er meerder scenario’s mogelijk zijn en binnen die scenario’s kunnen er allerlei varianten optreden. We hebben vooral een pragmatische reflectie willen geven op wat we nu zien bij en horen van scholen omtrent deze kwestie. Als het aanzet tot denken hierover zijn we al blij. We nodigen onderwijsmensen vooral uit om constructief te reageren, zodat scholen van elkaar ideeën op kunnen pikken. Als daar behoefte aan is, denken we graag mee.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *